Going native

Uit Kwamcowiki
Ga naar: navigatie, zoeken

1. Definitie begrip

Er wordt over 'going native' gesproken wanneer een onderzoeker zich teveel gaat identificeren met de onderzochte groep. Het probleem ligt in het feit dat het evenwicht tussen afstand en betrokkenheid hiermee in gevaar dreigt te komen.

2. Uitleg betekenis begrip

Om de term 'going native' toe te lichten is het alvorens belangrijk om een korte introductie te geven op kwalitatief onderzoek in het algemen en wat deze vorm van onderzoek inhoudt.

Er bestaan verschillende definities van kwalitatief onderzoek; zo geeft Boeije (2005) aan dat in kwalitatief onderzoek de vraagstelling zich richt op onderwerpen die te maken hebben met de wijze waarop mensen betekenis geven aan hun sociale omgeving en hoe ze zich op basis daarvan gedragen. Hierbij worden onderzoeksmethoden gebruikt die het mogelijk maken om het onderwerp vanuit het perspectief van de onderzochte mensen te leren kennen met het doel het te beschrijven en waar mogelijk te verklaren. Maso en Smaling (1998) zien kwalitatief onderzoek daarentegen als 'een vorm van empirisch onderzoek, dat zich laat typeren aan de hand van de manier van informatie verzamelen, de onderzoeksopzet, het onderzoeksontwerp, het soort analyse en de rol van de onderzoeker'. Tenslotte kenmerkt kwalitatief onderzoek zich volgens Wester en Peters (2004) door de gerichtheid op de beschrijving van de betekenisverlening van betrokkenen, het aantonen van de relatie tussen verzamelde gegevens en begrippen en de situatie dat de onderzoeker uitgebreid contact heeft met de te onderzoeken werkelijkheid waarbij het onderzoeksontwerp de onderzoeker in staat stelt de werkelijkheid in al haar facetten te leren kennen.

Zoals blijkt bestaan er verschillende definities en formuleringen maar wanneer we kijken naar gemeenschappelijke elementen die uit de definities naar voren komen, kunnen er een zestal kenmerken van kwalitatief onderzoek benoemd worden:

- directe waarneming in de natuurlijke situatie

- de onderzoeker is nadrukkelijk aanwezig bij de dataverzameling

- de inductieve werkwijze prevaleert meestal

- het perspectief van de respondent staat centraal

- holistische of contextuele benadering

- onderzoeksresultaten vaak in verhalende vorm

Uit deze kenmerken blijkt dat de onderzoeker een belangrijke plaats inneemt en zelf onderdeel vormt van het eigen onderzoek. Nog een belangrijk aspect is de langdurige participatie en observatie tijdens het onderzoek, en juist hierbij wordt er gewezen op mogelijk gevaar. Bij langdurige en intensieve participatie kan er over-identificatie plaatsvinden doordat de onderzoeker 'native gaat': de onderzoeker in niet meer in staat tot voldoende afstand en heeft dan eigenlijk niet veel meer te melden dan de onderzochten. Het is uiteraard belangrijk dat de onderzoeker zich identificeert met de onderzochte groep om het perspectief zo goed mogelijk weer te geven maar de onderzoeker moet hierbij zijn eigen doelstellingen in de gaten blijven houden. Vanuit dat oogpunt kan de onderzoeker het onderzoeksveld namelijk van veel kanten belichten waaronder de kant van de 'buitenstaander' om zodoende een duidelijke en objectieve beschrijving te kunnen geven van het veld. Het gevaar schuilt er vooral in dat de onderzoeker tijdens zijn beschrijving van het onderzoeksveld bepaalde aannames voor lief neemt die voor mensen buiten het veld helemaal niet zo vanzelfsprekend hoeven te zijn en die dan tot onduidelijkheden in het onderzoek kunnen leiden.

Volgens Maso en Smaling (1990) bestaan er een aantal manieren om 'going native' te vermijden. Zo zou de onderzoeker zich op gezette tijden moeten afzonderen van de groep van onderzochten, zich niet laten overhalen tot verbintenissen en verplichtingen en oontact moeten onderhouden met de eigen achterban.

3.Geschiedenis begrip

De benaming 'going native' is afkomstig uit de antropologie. Antropologie is een gedragswetenschap en behelst de studie of leer van de mens. Deze studie houdt zich zowel bezig met alle mensen als met alle dimensies van menselijkheid. In de moderne antropologie staat het begrip 'cultuur' centraal. De term 'going native' vindt zijn oorsprong in het kenmerk dat antropologen soms een inwoner, een native worden, als ze gaan wonen en werken tussen de mensen die zij onderzoeken.

4. Voorbeeld

Een voorbeeld van een onderzoeker die 'native gaat' kan gevonden worden in een onderzoeker die kwalitatief onderzoek gaat uitvoeren in zijn/haar vakgebied. Aangezien de onderzoeker gespecialiseerd is in een bepaald vakgebied kunnen daar natuurlijk veel voordelen uit gehaald worden maar op het gebied van 'going native' kan het nadelig uitpakken. De onderzoeker zou zich namelijk niet objectief genoeg kunnen opstellen aangezien dit zijn/haar vak is en uit de reeds bestaande kennis ook vooroordelen kunnen ontstaan. Hier komt bij dat het ook lastig wordt om kritisch te blijven. Het is belangrijk voor de onderzoeker om zich af te vragen waar de grens ligt tussen het opgaan in de groep die onderzocht wordt om informatie in te winnen en de eigen doelstellingen die vooraf opgesteld zijn, te behalen.

5. Voorbeeld in bestaand onderzoek

  • Een voorbeeld van een onderzoeker waarbij sprake is van de term 'going native' betreft de Nederlandse undercover-journaliste Stella Braam. Zij deed participerende observatie onder zwervers in Amsterdam en raakte dermate verstrikt in haar veldwerk dat ze zelf aan de drugs raakte. Later gaf zij aan dat ze voor begeleiding had moeten zorgen tijdens haar veldwerkperiode. Ze had iemand nodig gehad bij wie ze tijdens het veldwerk haar verhaal had kunnen doen welke haar had kunnen weerhouden van een te grote betrokkenheid. Ook had deze persoon haar kunnen attenderen op het drugsgebruik.

Link: http://www.boomuitgeversdenhaag.nl/?watermark=b3c4c35265527f40b871fa8aca47636e&w=100%&h=100%.

  • Een ander voorbeeld van een onderzoeker waarbij sprake is van de term 'going native' betreft de Britse onderzoeker Hobbs (1988) die onderzoek deed in London naar entrepreneurship. Hij gaf aan dat hij zichzelf vaak moest herinneren aan het feit dat hij in de kroeg zat om academisch onderzoek te verrichten en niet voor het vermaak. Zo werd hij vaak wakker met een enorme kater na een avond veldwerk te hebben gedaan wat natuurlijk niet de bedoeling was.

Verwijzing: Bryman, pagina 412.

6. Gerelateerde begrippen

Het begrip 'going native' hangt met de volgende trefwoorden samen: ethnografie,veldwerk, validiteit en participerende observatie.

  • Etnografie

Gedurende een langere periode lopen onderzoekers mee in een bepaalde ‘sociale setting’. Aan de hand van participerende observatie, vaak door het afnemen van interviews en documentaire methodes, zo krijgen de onderzoekers een beter begrip van de cultuur, normen en waarden binnen de groep. Er wordt gebruik gemaakt zowel veldwerk als geschreven onderzoek (Bryman, 2008).

  • Veldwerk

Veldwerk betreft het verzamelen van onderzoeksgegevens dat doorgaans buiten plaatsvindt. Tijdens veldwerk kan een onderzoeker verwikkeld raken in de onderzochte groep waardoor de betrokkenheid te groot wordt en de onderzoeker niet voldoende afstand kan nemen waardoor er sprake kan zijn van 'going native'.


  • Validiteit

De validiteit of geldigheid van een test is de mate waarin de test meet wat hij zou moeten meten. Bij het onderzoeken van de validiteit wordt gekeken naar de mate waarin de resultaten van een test en het te meten verschijnsel met elkaar overeenkomen. Interne validiteit is de mate waarin het redeneren binnen het onderzoek correct is uitgevoerd. Deze redeneringen moeten zoveel mogelijk vrij zijn van systematische vertekeningen. Er bestaan een aantal maatregelen om die interne validiteit te verhogen tijdens kwalitatief onderzoek, zoals bijvoorbeeld het maken van methodologische en theoretische memo's maar ook langdurige participatie en observatie. Echter wordt er gewezen op een mogelijk gevaar bij langdurige en intensieve participatie aangezien hier over-identificatie kan plaatsvinden. Hierbij is de onderzoeker niet meer in staat om voldoende afstand van de onderzochte groep te nemen en is er sprake van een onderzoeker die 'native gaat'.


  • Participerende observatie

Zoals hierboven is besproken, bestaan er maatregelen om de interne validiteit te verhogen tijdens het verrichten van een onderzoek. Participerende observatie wordt als zo'n maatregel beschouwd maar brengt ook nadelen met zich mee aangezien de onderzoeker 'native kan gaan' bij langdurige partiperende observatie aangezien over-identificatie kan plaatsvinden waarbij de onderzoeker zich teveel gaat identificeren met de onderzochte groep.

7. Links

Hierbij een aantal links naar de oorsprong van de term 'going native':

http://www.qub.ac.uk/schools/SchoolofEnglish/imperial/key-concepts/Going-native.htm

http://books.google.nl/books?id=dh48inuTVl0C&printsec=frontcover&dq=going+native&source=bl&ots=RINqLOhozy&sig=9jNafMABLBVWt5VKSKAuSG6zSI0&hl=nl&ei=bKGXS4W6NdSRjAfu8P2FCg&sa=X&oi=book_result&ct=result&resnum=3&ved=0CBQQ6AEwAg#v=onepage&q=&f=false


Hierbij een aantal links naar artikelen die 'going native' bespreken en ingaan op zowel de voor- als de nadelen hiervan:

http://www.jstor.org/pss/3630581?cookieSet=1

http://www.ingentaconnect.com/content/nasw/sw/2000/00000045/00000005/art00006

8. Literatuurlijst

Boeije, H. (2005). Analyseren in kwalitatief onderzoek: denken en doen. Uitgeverij Boom, Amsterdam.

Bryman, A. (2008). Social research methods (3rd ed.). Oxford: Oxford University Press.

Maso, I. & Smaling, A. (1998). Kwalitatief onderzoek: praktijk en theorie. Uitgeverij Boom, Amsterdam.

Maso, I. & Smaling, A. (1990). Objectiviteit in kwalitatief onderzoek. Uitgeverij Boom, Amsterdam.

Wester, F. & Peters, V. (2004). Kwalitatieve analyse: uitgangspunten en procedures. Coutinho.

http://www.google.com

http://www.wikipedia.com